Eind 1959 bestond er de mogelijkheid om je op te geven als lid van een eventueel op te richten volleybalclub die de naam RKVV BONI zou krijgen. Omdat er toen genoeg potentiële leden zich opgegeven hadden, werd de oprichting van ons Boni op 6 jan. 1960 een feit, zodat ik dus ook vanaf die datum lid ben van BONI.
Het bestuur werd toen gevormd door Dhr. T van Welsen (voorzitter en leraar LO), Carel Cronenberg, Leni Holdampf (later met mij getrouwd) en Marius Verpalen (penningmeester). Het is heel goed mogelijk dat ik iemand ben vergeten. Als ik mij goed herinner was de contributie toen fl 1,50 per maand, die door de penningmeester na de eerste training van de maand werd geïnd. De contributie hoefde maximaal 10 maanden per seizoen betaald te worden en als je langer dan 1 maand ziek of geblesseerd was, hoefde je over die maand geen contributie te betalen.
In 1960 werd ook gelijk gestart met 1 dames- en 1 herenteam, die, ondanks het feit dat ze maar een halve competitie konden spelen, toch zo hoog eindigden dat ze promoveerden.
De eerste verjaardag van BONI werd gevierd op school met een zgn. Heilige Mis, gevolgd door een ontbijt en een ledenvergadering. Later werd aan deze serie een toernooi toegevoegd en nog later verdween de mis. In die periode ging een aantal leden, na het toernooi, naar de chinees, hetgeen zo gezellig was, dat het chinezen vervangen werd door patat, kip en appelmoes op school, zodat iedereen ervan kon genieten. Deze ontwikkeling bleef doorgaan, totdat er zelfs hele weekenden gereserveerd moesten worden.
De beginperiode van BONI kenmerkte zich ook door een enorm gebrek aan sporthallen. Je speelde in gymnastieklokalen van scholen waar ook geen douches aanwezig waren. Bovendien waren deze velden aan de krappe kant, zodat het voor kon komen, dat de achterlijn van het volleybalveld op de muur geschilderd was, of dat een enorme potkachel in de hoek van het veld stond. Ook de hoogte van deze zalen was verbluffend. Bij VCM in Maarssen werd gespeeld in de Gaslaan. Daar had je tussen de bovenkant van het net en een balk die er voor zorgde dat het dak enigszins op zijn plaats bleef, een ruimte van ong. 1,25 m waar de bal tussendoor gespeeld moest worden. De eerder genoemde kachels moesten vaak nog worden aangemaakt.
Onze thuiswedstrijden werden in die periode op het Bonifatiuslyceum gespeeld, en omdat er toen vrij weinig scheidsrechters op kwamen dagen, moest ik vaak 3 wedstrijden achter elkaar fluiten (ik was toen wedstrijdsecretaris). Uit die tijd stamt ook mijn enorme hekel aan het fluiten van wedstrijden.
In die tijd waren er weinig vervoersmiddelen buiten de fiets cq bromfiets. Wij zagen er ook geen been in om op de fiets naar Doorn, Zeist of Woerden te gaan, ook al was het maar als supporter. Behalve naar Veenendaal, dan werd nog wel eens een busje gehuurd, omdat openbaar vervoer teveel tijd vergde.
Een van de belachelijkste wedstrijden was er een tegen Tibra uit Woerden. Ik ging toen om 18h45 van huis, om met de trein van 19h12 naar Woerden te reizen, waarna we in Woerden nog 20 min. moesten lopen. Bij de zaal aangekomen, moest de eerder genoemde kachel nog aangemaakt worden, terwijl wij begonnen met inspelen. Uiteindelijk begon de wedstrijd, die wij binnen 17 min. met 3-0 wonnen, waarna wij on konden omkleden en naar huis gaan. Bij het station aangekomen bleek de trein net vertrokken en ging de volgende een uur later. Ik kwam om ong. 23h00 thuis. Andere gekke dingen die gebeurd zijn: bijvoorbeeld het feit dat Joop Langhout, die ongelofelijk hard en onnauwkeurig kon smashen, het presteerde om de bal in de armen van een toeschouwster te slaan. Het vervelende was echter dat daar even tevoren een klein kind vertoefde, wat daarna krijsend op de grond lag.
Toen Carel Cronenberg er ik ruim de 30 gepasseerd waren, besloten wij niet meer te gaan trainen en in het 3e herenteam te gaan spelen. Hierin speelde toen ook Jan Willem S., door mij ooit “het gat van BONI' genoemd, omdat hij het presteerde om bij het smashen van de mooiste set-ups, de bal niet een te raken, maar toch na de wedstrijd zei, dat hij een fantastische partij had gespeeld. Deze speler is in tegenstelling tot een van onze penningmeesters, van wie de naam mij ontschoten is, die het presteert om smashes die horizontaal op een hoogte van ong. 2,45m over het net vlogen, toch nog even aan te raken.
Ik herinner mij ook nog een Bonidag die op Koninginnedag viel. Zaterdagavond feest tot 04h00. Zondagochtend om 8h00 verzamelen in het Wilhelminapark om te luisteren naar het Wilhelmus op disco-geluidssterkte. Een van de eerste toernooien in het 1e of 2e weekend van januari, werd georganiseerd door Ruud S. en door mij, het werd toen genoemd BONMOT, ofwel : Boni Oud- en Nieuw Monster Oliebollen Toernooi. Ruud zorgde, omdat hij in Leerdam woonde, voor de prijzen, nl. glazen volleyballers. Een enorm rekenwerk kwam er aan te pas om elke meespelende vereniging van zo'n prijs te voorzien.
Toen wij ong. 10 jaar geleden nog Heren 2 waren, hebben wij het gepresteerd om na de wedstrijd in totaal 26 broodjes kroket te verorberen, hetgeen in onze ogen een nieuw clubrecord was. Enige weken later claimde heren 1 (toen) dit record met 28 broodjes, hetgeen door ons niet erkend werd en wordt, omdat zij reeds vóór de wedstrijd begonnen waren.
Nico is al jaren onze aanvoerder. Er is echter één ding wat ik nu mis: zijn gesprek met de scheidsrechter éénmaal per wedstrijd, maar wel op niveau, want het vertikte het dan om op de grond te blijven staan. Als een aap klom hij in de scheidsrechtersstoel om vervolgens op gelijke hoogte met de scheids de discussie aan te gaan.
Tot slot nog dit: mijn favoriete plaats tijdens én na de wedstrijd is in ieder geval niet op de reservebank.
Kees.
Tot zover een stukje geschiedenis van een oud lid over de periode van het allereerste begin van BONI tot zo ongeveer 1987.
Nu neem ik het stokje over: Ik ben lid geworden in 1991 dus het verhaal hierboven speelt zich volledig af voor mijn tijd. Ik moet alleen zeggen al lezende heb ik gezien dat er wezenlijk nog niet veel veranderd is bij BONI.
Weliswaar spelen we nu in fraaie sporthallen en hebben we bijna allemaal een auto, de contributie is meer dan ver-10-voudigt, de broodjes kroket zijn vervangen voor groepsfriet en bittergarnituur, het boni-monstertoernooi is er voor de vereniging zelf nog steeds. We hebben nu een bestuurstoernooi aan het begin van het seizoen, een oliebollentoernooi in januari en een eindtoernooi aan het einde van het seizoen. Daarnaast is er het befaamde laatste thuisavondfeest en nog steeds zit niemand graag op de reservebank.
Hoe een normale volleybal-avond verloopt en hoe en club-lidmaatschap verloopt weten we allemaal zelf wel maar een aantal herinneringen wil ik wel voor jullie naar boven halen:
Toen ik lid werd van Boni was de gemiddelde leeftijd 25 of hoger, ik was met mijn 20 jaar echt de jongste bij de club, we hadden een gezellig team en in een van die jaren kochten we zelfs een seizoen lang dezelfde sokken met rood en wit om maar meer geluk te hebben bij de wedstrijden.
We hadden toen in D5 1 auto en 1 auto die misschien geleend kon worden, voor de wedstrijd werd bekeken hoe we gingen en wie er dan moest rijden (je kreeg er toen vergoeding voor als je reed). Het seizoen erop werd er gekonkeld om de teamindeling om er voor te zorgen dat er minimaal 2 auto's in het team zaten. Want met 9 in een auto dat ging nou eenmaal niet.
In 1995 was het lustrum, met daaraan gekoppeld een weekend buiten. Waarheen was onbekend en we moesten verzamelen op het station. Uiteindelijk belandden we met de trein in Baarn alwaar een zooitje zwervers ons met groepsfriet op de Brink stond op te wachten. Het werd een bewogen weekend met een bosspeurtocht en veel berenburg, een ALV, een toernooi, een groot feest op zaterdagavond (dat feesten is namelijk wat BONI-leden nog steeds heel goed kunnen) . Er was alleen een grote maar: WE SLIEPEN IN TENTEN, die aanhoudende regen was niet meegerekend in de organisatie. Nee slapen in tenten dat gaan we nooit meer doen. (de afgelopen 2 lustra (en nu lopende) heb ik daar zelf persoonlijk aan bij gedragen.)
Het lustrum van 2000 was in Teteringen, 'oud heren 2 ' heeft ons in de brandende zon een middag op de zandvlakte laten zwoegen en zweten met als enig doel: NIETS het allesomvattende NIETS (iets met jiskefet-achtige opvattingen) maar het was goed, baltsen als een walvis, oud-lid slingeren en nog meer van dit volksvermaak. Jammer dat ze na dat lustrum niet meer van de partij waren. De zondag leverde ons een ingewikkeld nieuw volleybalspel op : Ball in the box. Hoe het spel precies verloopt kan ik nu nog steeds niet uitleggen, maar de regen werd er door vergeten.
Het lustrum van 2005 was in Dronten. Het weer werkte mee een het was een perfekte lokatie voor dit feest, buiten, en weinig mensen in de omgeving die last van ons hadden, we hebben er zelfs nog buiten gefeest tot 00h00 toen moesten we volgens de regels naar binnen. Een enkeling wilde buiten bij het kampvuur blijven om aldaar een gitaar te verbranden..... (hier zijn voors en tegens bij maar een geruststelling voor de eigenaar is dat de gitaar alles overleefd heeft). Er is achteraf veel commentaar gekomen op het slepen met de straatklinkers in een doos.... nou ja niemand kan je ergens toe verplichten en het levert weer leuke verhalen op. Alleen het overzwemmen van het kanaal hebben we toch maar afgelast (we konden door het hoge riet en andere gewassen de waterkant niet vinden in het donker).
Ik herinner mij een aantal dingen met trainers en coaches:
Zo was er een trainer bij D1 die (zo deed het verhaal de ronde) erg hield van blonde dames in het veld. Dus als je niet blond was had je geen enkele kans om in D1 te komen. Zo ging er op een bepaald moment op aanraden van deze trainer wel een blonde dame naar D1 die vervolgens bijna het hele seizoen op de reservebank belandde en het jaar erop weer vrolijk in D2 speelde.
Bij dames 3 hadden we een coach (Willem) die bij een uitwedstrijd zijn dochters meenam en met zelfgemaakte bordjes met HUB BONI naar boven hielden om ons aan te moedigen (geweldig toch).
Een goede traditie van damesteams is om hun trainer / coach aan het einde van het seizoen een aardigheidje te geven om hem/haar te bedanken: zo herinner ik mij : Een douchegordijn met shampoo, is dit om gehuld in een douchegordijn samen met de dames te kunnen douchen ? … T-shirts met diverse opdrukken als COACH etc. maar ook een strandpakket voor het beachen in de zomer. Dit naast alle bier en wijn die ieder jaar weer van hand tot hand gaan, tja boni en drank dat zijn hele goede vrienden.
Dan heb je de correspondent:
In de eerste jaren hebben we heel wat avonden zitten knippen, plakken en kopiëren. Hulde aan Trees (oud-lid) die nog veel van deze juweeltjes bewaard heeft en dus ook een stukje BONI-historie in huis heeft. Er was vaak discussie over de lay-out. A4 staand, liggend en zelfs A5 dubbelzijdig en gevouwen.(dat was een grote puzzel). Steeds meer bestanden kwamen per e-mail digitaal binnen, of werden domweg overgetypt in word o.i.d. Door deze ontwikkeling werd de correspondent in de pc-verwerkt en kon met 1 vergadering (met koek en koffie) de gehele inhoud worden vastgelegd om vervolgens na aanleveren van alle bestanden door Frences (oud-lid) opgemaakt te worden tot een mooie A3-krant.
Nu weten we dat alleen het smoelenboek nog op papier uitkomt, de rest is een digitaal resultaat van deze tijd.
De thuisavonden :
Die thuisavonden waren toen ik lid werd in OSG. Daar ben ik menigmaal pas om 3h00 naar huis gegaan. OSG had iets van een huiskamer en ook daar werd vlgs. mij de groepsfriet geboren ( Groepsfriet :een dienblad gevuld met patat en daarbovenop een schaaltje met sauzen, ideaal voor de teamspirit).
Sinds een aantal jaren spelen we in de Galgenwaard, daar vertoeven we na de wedstrijden in de heksenketel. Ondertussen zijn we daar ook wel thuis maar het eerste seizoen misten we toch vooral onze vast barmensen van de OSG en dat huiskamergevoel.
We zijn in de afgelopen 20 jaar 2 keer van clubkleur- shirt verandert, ik begon met een bordeaux-rood t-shirt waar je zelf je nummer op moest naaien, daarna werd het een gesponsord shirt wat al na een aantal wedstrijden uit elkaar viel en veel duurder was dan de oude vertrouwde bordeaux-rode t-shirts. Nu spelen we in een groen shirt. Iedereen is er aan gewend en het maakt niet veel meer uit. BONI gaat met de tijd mee en ook de shirts maar soms hoor ik oudere BONI-leden smachten naar die goeie oude shirts die zeker 10 seizoenen meegingen.
Er zullen ongetwijfeld nog heel veel anekdotes zijn die niet verteld zijn, maar aan eenieder van jullie zegt het voort of klim in de pen zodat we over nog eens 50 jaar nog leuke BONI-feiten op een rij kunnen zetten.
Joze (9 januari 2010)